Gratis eBoek, AI-stem, Audioboek: Van pool tot pool - Tweede reis : van de Noordpool naar den Aequator door Sven Anders Hedin

Audioboek: Van pool tot pool - Tweede reis : van de Noordpool naar den Aequator door Sven Anders Hedin
0:00 / Unknown
Loading QR code...
Je kunt de volledige inhoud van Van pool tot pool - Tweede reis : van de Noordpool naar den Aequator door Sven Anders Hedin beluisteren in onze app AI Stem Audioboek op iOS en Android. Je kunt elke stem klonen en je eigen Audioboeken maken van eBoeken of Websites. Download nu vanuit de mobiele App Store.
Luister naar het Audioboek: Van pool tot pool - Tweede reis : van de Noordpool naar den Aequator door Sven Anders Hedin
VAN POOL TOT POOL.
TWEEDE REIS.
VAN DE NOORDPOOL NAAR DEN AEQUATOR.
1. NAAR HET LAND VAN DE MIDDERNACHTZON.
Na even uitgerust te hebben van onzen tocht door Azië, kiezen wij het hooge Noorden voor ons volgend doel. Wij zijn in Stockholm in den spoortrein gestapt en als wij op het achterbalkon van den laatsten wagen gaan staan, schitteren ons de metalen rails tegemoet, die Stockholm met Narvik in het hooge Noorden van Noorwegen verbinden. Stil droomerig ligt het landschap om ons heen in den helderen avond. De uren gaan voorbij, wij schrijven 27 Juni, den tijd van de heldere nachten. Wie kan dan het besluit nemen, te gaan slapen? Nu eens wordt de blik geboeid door een klein meer, op welks landtongen en eilandjes jonge pijnboomen als in den slaap knikken, dan weer groene weiden, aan welker uitersten rand een reeks witte berkestammen scherp tegen de duisternis van het dennenbosch afsteekt.
Den volgenden morgen zijn wij reeds midden in het land der onuitputtelijke bosschen en der zaagwerken. Overal dennen, sparren en berken, de meren en rivieren bedekt met drijvende houtblokken en vlotten. De nabijgelegen hoogten flikkeren in krachtige, groene tinten; daarachter verdwijnt alles meer en meer in diep blauw. Dikwijls strekken zich tusschen de heuvels vlakke veenstreken uit, omlijst door boomen, die er als verschrompelde dwergjes uitzien. Wel is dit land mijlen ver tot naar het Noorden eentonig, maar toch kunnen wij er onze oogen niet van afhouden; de teere lijnen en tinten en de wazige, trillende spiegelbeelden van het landschap in de heldere golven der blauwe meren stellen volop schadeloos, voor de grootscher bekoring van het hooggebergte, dat ver in het Westen blijft liggen.
Wij hebben reeds meer dan de helft van den weg achter ons en houden ’s avonds te Boden stil, vanwaar wij een uitstapje maken naar Luleå aan de Bottnische golf. Op den weg naar de kust wordt het bosch weer dichter en hooger en spoedig wandelen wij door de straten van Luleâ, de hoofdstad van Norrbotten, die na den laatsten verwoestenden brand nieuw en voornaam is verrezen. De alleeën van berken in de grootere straten zijn niet minder betooverend dan de palmen in Singapore. In het Noorden glinsteren de randen der wolken in verblindend purper. Maar welk een eenzaamheid! Het is klaarlichte dag en toch is er niemand op straat? Is de stad verlaten of betooverd? De klok lost het raadsel op; het is middernacht!
Een kleine stoomboot brengt ons den volgenden morgen naar het eiland Svartö, en spoedig staan wij op een geweldige houten brug, die zich zestien meter boven den waterspiegel verheft. Aan beide zijden ligt een stoomboot met erts voor anker, en nu komt op de brug een trein aangerold. Elk van zijn wagens bevat dertig ton erts. Zoodra de eerste zich boven een opening in de brug bevindt, slaat zijn bodem naar beneden open. Met oorverdoovend geraas stort het erts in een met geslagen plaatijzer bedekte goot om in het ruim van een der schepen te verdwijnen. Zoo wordt de eene wagen na den anderen geledigd, de eene trein na den anderen, en elk uur dalen duizenden tonnen erts in het binnenste van een schip. Zoodra het geladen is, stoomt het naar eene vreemde haven, bijv. Rotterdam, vanwaar het erts naar de groote metaalgieterijen in Westfalen wordt verzonden.
Al dit ijzererts komt uit Gellivara en den Malmberg.
Als ’s winters de scheepvaart heeft opgehouden, wordt het op de kade opgestapeld; daar liggen dan ongeveer 600.000 ton. Hier op Svartö vloeit een der twee ertsstroomen van Norrland, de andere gaat over Narvik in Noorwegen en is nog geweldiger, want daar vloeit het erts het geheele jaar door en keert als goudstroom terug.
Te Boden bereiken wij weer onzen trein en richten ons nu meer noord-noord-west naar Lapland. Geen gebergte, geen rivieren. De spoorweg slingert zich tusschen eindelooze moerassen en veengronden, waaruit kleine, ronde heuvels als eilanden uitsteken.
Maar denkt niet, dat deze veengronden waardelooze woestenijen zijn, waarin de spoorweg-stations schaarsche oasen vormen. Zij zijn een kapitaal voor de toekomst, want daaruit wordt zooveel turf gewonnen, dat ze den tegenwoordigen steenkoleninvoer, voor geheel Zweden gedurende tweehonderd jaar kan vervangen!
Het woud krimpt meer en meer in. De dennen zijn zoo klein, dat ze ternauwernood voor kerstboompjes deugen, hun korte takken liggen vlak tegen den stam. Maar zij staan zoo dicht tegen elkaar, alsof een leger dwergen, dat men naar het Noorden heeft gejaagd, opeendrong, om zich gedurende den winter wederkeerig te verwarmen. Zij streven naar de zon, maar kunnen zich niet verheffen, en blijven verschrompeld, mager en ellendig. In den winter verdwijnen zij geheel onder opgewaaide sneeuw.
Schril gilt de stoomfluit der locomotief over het zwijgende dwergwoud. Daardoor maakt de machinist ons opmerkzaam op een merkwaardigheid. Op twee witte borden rechts en links, staat in groote, zwarte letters „Poolcirkel”. Hier zijn wij dus in de Poolstreek, waar de langste dag des zomers, zoowel als de langste nacht ’s winters vier en twintig uren duurt. Van den Poolcirkel af neemt de lengte van den dag naar de Noordpool toe, waar zij zes maanden duurt, om met een even langen winternacht af te wisselen.
Het merkwaardigste, wat ik ooit in mijn leven zag, is Kirunavara, dat wij van af Boden over Malmberg bereiken, een gebergte dat van de geheele wereld het rijkste is aan ijzererts. Hier heeft de aarde aan de bewoners van Zweden bijna onuitputtelijke rijkdommen geschonken, en hij die er voorbijgaat, vermoedt ternauwernood den onmetelijken schat, die onder den golvenden rug van het zoo onaanzienlijk gebergte ligt.
Midden in de wildernis is hier aan de oostelijke zijde van een meer, de plaats Kiruna verrezen, en noordwestelijk er van verheft zich een tweede berg, de Luossavara, die eveneens ontzaglijke massa’s kostbaar ijzererts in zijn binnenste verbergt. Te Kiruna heerscht gedurende een maand heldere dag; een arbeider verzekerde mij, dat voortdurend licht veel onaangenamer aandoet dan een even lange winternacht. Want ook dan, als de diepste duisternis heerscht en de zon zich sedert veertien dagen niet meer boven den horizon vertoond heeft, ziet men toch in het Zuiden den weerschijn van het verdwenen licht, en de vlam van het noorderlicht tril
Je kunt dit volledige eBoek Van pool tot pool - Tweede reis : van de Noordpool naar den Aequator door Sven Anders Hedin downloaden, online lezen en meer details vinden via
En converteer het naar een Audioboek met elke stem die je maar wilt in onze AI Stem Audioboek app.
Loading QR code...