Gratis eBoek, AI-stem, Audioboek: Faust: Dramatisch dichtstuk van Goethe [deel 1] door Johann Wolfgang von Goethe
![AI Stem Audioboek: Faust: Dramatisch dichtstuk van Goethe [deel 1] door Johann Wolfgang von Goethe](/_next/image?url=https%3A%2F%2Fassets.zan.chat%2Fsitev2%2Fpublic%2Fcover_images%2Fcover_67276.jpg&w=256&q=75)
Audioboek: Faust: Dramatisch dichtstuk van Goethe [deel 1] door Johann Wolfgang von Goethe
0:00 / Unknown
Loading QR code...
Je kunt de volledige inhoud van Faust: Dramatisch dichtstuk van Goethe [deel 1] door Johann Wolfgang von Goethe beluisteren in onze app AI Voice Audioboek op iOS en Android. Je kunt elke stem klonen en je eigen Audioboeken maken van eBoeken of Websites. Download nu uit de Mobile App Store.
Luister naar het Audioboek: Faust: Dramatisch dichtstuk van Goethe [deel 1] door Johann Wolfgang von Goethe
FAUST.
EEN WOORD VAN DEN VERTALER.
Faust wordt als het uitstekendste werk van Goethe beschouwd. De naam er van is in aller mond; ook bij Nederlanders, die maar eenigzins op beschaving aanspraak maken, is dit het geval. Maar kennen wij Goethe’s Faust wel—zelfs in het oorspronkelijke? Shakspere, die vóór omstreeks eene eeuw zelfs onder zijne landgenooten alleen bij name bekend was, en door eenige Duitschers uit het stof der vergetelheid, waaronder hij begraven lag, moest worden opgedolven, wordt nu ook bij ons, door het uitgeven van sommige zijner werken, met allerlei toelichtingen ten gehoore gebragt. Maar nu Goethe’s Faust? Wij kennen, als navolging in onze taal, slechts een paar fragmenten, te klein van omvang, om ons van het geheel een denkbeeld te maken. Moet het daarbij nu blijven? Maar “Faust kàn niet vertaald worden” oordeelen velen, omdat in dit dichtstuk allerlei takken van wetenschap ter sprake komen (Goethe was zeer wetenschappelijk gevormd), en eene navolging dus hoogst moeijelijk is te achten, terwijl Goethe bovendien tot de dichters behoort, welke niet ieder bij de eerste lezing kan verstaan.
Ik geef dit toe. Maar zou het zóó bepaald eene onmogelijkheid moeten heeten, dat elke poging om Faust te vertolken doelloos en dwaas moet zijn?
Dit kwam mij anders voor; en daarom heb ik mij aan eene—zoo veel mogelijk getrouwe—navolging van Goethe’s Faust gewaagd, en bied deze met alle bescheidenheid, en in het bewustzijn dat er niets volmaakt is op deze wereld, hierbij onzen landgenooten aan.
Weinig heb ik hierbij te voegen. De Zueignung, het Vorspiel auf dem Theater en den Walpurgisnachttraum heb ik weggelaten, als blijkbaar latere bijvoegselen. Even zoo is van den Prolog im Himmel slechts de inhoud teruggegeven. Waar, aan het slot, de Heer sprekende wordt ingevoerd, geeft dit, naar mijn gevoel, wat al te zeer aanleiding tot spotternij of verkeerde toepassing. In eene onlangs uitgegeven geïllustreerde uitgave van Faust (bij Cotta, te Stuttgart) heeft men dan ook den Heer door den Paus in groot pontificaal vertegenwoordigd! Eindelijk staat het dusgenaamde “tweede deel” van Faust, mijns inziens, zoo op zichzelf, dat ik er hier alleen van gewag; het “eerste deel” vormt inderdaad een afgesloten geheel.
Dat ik, in deze navolging, enkele eigennamen, als Wagner, Frosch en andere, heb verhollandst, geschiedde om alle hardheid te vermijden, die uit een dichtstuk verbannen behoort te zijn. Dit zijn nu nog maar gefingeerde namen; maar Vondel gaf den naam Rabenhaupt zelfs door het meer welluidende Ravenhooft terug, ofschoon de eerste toch historisch was.
Eindelijk heb ik nu en dan voor iets, wat niet letterlijk vertaald kon worden, een æquivalent in de plaats moeten stellen. Het zal mij tot een aangenaam blijk van erkentenis strekken, zoo desbevoegden verklaren, dat ik daarin niet al te ongelukkig geslaagd ben.
Januarij, 1865. F.
Dit schreef ik vóór de eerste uitgave, die met bijzonder welgevallen door onze landgenooten is ontvangen; inzonderheid scheen mijne vertolking zeer aangenaam te zijn aan het meer en meer toenemend getal Rederijkers-genootschappen, omdat men, bij het kiezen van het een of ander fragment uit een dichtstuk tot voordragt, in deze navolging daartoe ruime keuze heeft.
Men heeft echter vrij algemeen zijn leedwezen betuigd, dat ik het dusgenaamde “Voorwerk” onvertaald heb gelaten, terwijl men de reden, die ik daarvoor opgaf, niet gegrond genoeg achtte. Dat verzuim, waarvoor men het hield, wordt in dezen tweeden druk hersteld. Maar ook de tekst zelf is hier en daar herzien, waar de vertaling wel iets eenvoudiger en daardoor vloeijender gemaakt kon worden.
Nog iets. In mijn berigt vóór de eerste uitgave gewaagde ik slechts van fragmenten, die uit Faust in onze taal waren overgebragt. Onlangs echter kwam mij een nommer van een onzer weekbladen in handen, waarin mijne vertaling de eer werd aangedaan tot vergelijking te dienen met eene van den heer L. Vleeschouwer, te Antwerpen, waarvan in 1865 eene tweede uitgaaf het licht zag. Ik heb mij een exemplaar daarvan aangeschaft, terwijl een vriend mij den eersten druk ter leen heeft verstrekt, waarvan de uitgave in 1842 plaats had.
De aandacht van den lezer, bij het ter hand nemen van de tweede uitgaaf dezer vertaling, wordt dadelijk getrokken door eene Voorrede, waarin de heer Vleeschouwer zich zoo zeer in letterkundige en dichterlijke bekwaamheid boven anderen verheven acht, dat men terstond denkt aan Langendyk’s bekend blijspel, waarin Miester Jochem met veel wind het tooneel opkomt, uitroepende:
Puf nou, Poëetjes! ’k ben de baas van ’t gantsche land!
Zoo ook Vleeschouwer. Al wat niet van hem afkomstig is, deugt niets hoegenaamd,—de navolging, waarvan bij deze eene tweede editie geleverd wordt, natuurlijk ook niet.
Maar nu zijn eigen onovertroffen meesterstuk dan? Uit het zoo even geleverde staaltje blijkt reeds, dat hij van maat en rijm, zoo als beide op Nederlandsche poëzij worden toegepast, geen het minste begrip heeft. Maar meer nog! Bij het vlugtig doorbladeren van zijn werk blijkt terstond, dat hij onze taal in ’t geheel niet verstaat, en het Hoogduitsch met Vlaamsche woorden is, wat hij opdischt. Men oordeele uit enkele staaltjes:
Stieren (leiden) rijmt bij hem op verlieren (verliezen); verzwakken op werken; loop op op (Hoogd. Lauf, auf); stilt op welt; zegelen op bespiegelen; vochten op krachten; vermindert op lindert; verbant op vlamt; feesten op begeesten; doordringen op zwingen; specerijen op getrouwen (Spezereien, Getreuen); banden op vinden; zijnen op beweenen (seinen, beweinen); geweld op balt; druiven op gelooven (Trauben, glauben); en zoo verder in menigte. Keurigheden, als
Stof zal hij vreten met begeeren Lyk mijne moeie, de beroemde slang,
Dat een komediant een pastor kan beleeren,
en dergelijken, komen ieder oogenblik voor.
You can download, read online, find more details of this full eBook Faust: Dramatisch dichtstuk van Goethe [deel 1] by Johann Wolfgang von Goethe from
En converteer het naar het Audioboek met elke stem die je wilt in onze AI Voice AudioBook app.
Loading QR code...